Mooie hallucinaties

Gisterenavond zag ik opeens een klavertje vier in de achtertuin. Ik bukte, plukte het klavertje uit het gras, maakte een foto en appte deze naar mijn zus en de fiere papa. 

Plotseling prikten de tranen in mijn ogen en kreeg ik een brok in mijn keel. Want eigenlijk wilde ik het heel graag ook nog met iemand anders delen; de vrouw die in haar leven wel honderden klavertjesvier gevonden heeft. Mijn eigen fiere mama. 

Ze droogde ze in haar agenda of in de boeken die ze zo graag las. En de gedroogde geluksbrengertjes gaf ze vervolgens aan mensen die ze liefhad en een beetje extra geluk konden gebruiken. 

We hebben laatst in mijn moeders oude agenda’s nog ingeplakte klavertjes vier gevonden. Bij verjaardagen van enkele familieleden die het nodig hadden. En maanden geleden vond ik er in mijn zwangerschapsboek nog twee die ik gekregen heb tijdens de zwangerschappen van mijn oudste dochters. Dat waren de laatste die ik van haar heb gekregen. 

Jarenlang dacht ik dat de dementie haar zelfs van de herinnering aan de klavertjes vier had beroofd. Maar het tegendeel lijkt inmiddels bewezen. Haar nichtje stuurde haar namelijk laatst een klavertje vier en toen mijn moeder het zag klaarde haar gezicht even op. 

Daar komt bij dat mijn vader een paar weken geleden iets heel frappants zag. Nou lijkt mijn moeder inmiddels zo’n twintig jaar ouder geworden, ze is de afgelopen drie maanden ruim vijftien kilo afgevallen, loopt voorovergebogen omdat ze haar hoofd niet meer recht kan houden, ze kan niet meer praten en is een schim geworden van de vrouw die ze was; maar lopen kan ze nog als de beste. Ik kon haar tijdens mijn zwangerschap niet meer bijhouden. Maar goed, die bewuste dag zag mijn vader haar tijdens haar wandeling door de gangen van het verpleeghuis telkens stoppen, bukken en ‘iets’ van de grond pakken. 

‘Het is alsof ze klavertjes vier plukt,’ zei mijn vader tegen een verzorgster. Die vertelde hem dat het vermoedelijk hallucinaties zijn.

En dat vind ik best een mooie gedachte. Dat mijn moeder hallucineert dat ze op zoek is naar klavertjes vier. Wellicht droomt ze dat ze ergens in het door haar zo geliefde Scandinavië door een prachtig bloemenveld loopt. Dat mijn zusje en ik als kleine meisjes, met in onze kielzog de hond, tussen de bloemen rennen. En dat mijn vader op een steiger in het water het avondeten vangt; zoals hij dat tientallen jaren heeft gedaan. 

Hopelijk hoeft ze dan alle ellende in het verpleeghuis niet te zien. Al die dwalende en verwarde bewoners en de gefrustreerde medewerkers die graag meer willen doen maar dit wegens tijdgebrek niet kunnen. Ik hoop dat vogelgezang het geschreeuw van sommige medebewoners overstemd. En dat ze bloemen of versgemaaid gras ruikt in plaats van die penetrante urinegeur in het verpleeghuis.

Het zou fijn zijn als ook mijn moeder af en toe nog eens kon wegvluchten in mooie dromen. Die gedachte maakt haar ziekte nog enigszins draaglijk. 

Een klavertje vier in ons gras, het heeft zo moeten zijn.

En inmiddels zit het in babylief’s Ikke boek, zodat ook zij een geluksbrengertje heeft.

Prettig zonnig weekend gewenst! 💋

Plaats een reactie